Oplossingsgerichte therapie
Je hoeft niet eerst te begrijpen waar alles vandaan komt om verder te kunnen. Oplossingsgerichte therapie begint bij de momenten waarop het al wat beter gaat, en bouwt daarop verder.
Wat is oplossingsgerichte therapie?
Oplossingsgerichte therapie draait de gebruikelijke volgorde om. In plaats van uit te zoeken hoe een probleem is ontstaan, kijk je naar wat je wilt bereiken en naar de momenten waarop dat al een beetje lukt. Die momenten zijn er bijna altijd, ook al vallen ze niet op.
De methode is in de jaren tachtig ontwikkeld door Steve de Shazer en Insoo Kim Berg. Hun uitgangspunt: de oplossing hoeft niet te passen bij de oorzaak. Wat werkt, werkt, ook als je niet precies weet waarom het misging.
Dat maakt het een korte en praktische therapievorm. Je bent zelf de deskundige over je eigen leven; de hulpverlener stelt vooral vragen die je aan het denken zetten over wat je al kunt.
Wetenschappelijke basis: Gingerich en Peterson namen 43 gecontroleerde studies door en vonden bij bijna driekwart een duidelijk positief effect, met de sterkste aanwijzingen bij depressie bij volwassenen, waar het vergelijkbaar presteerde met gevestigde behandelingen (Research on Social Work Practice, 2013). Studies die de behandelduur meenamen zagen dat oplossingsgerichte therapie met minder sessies toekomt. Een overkoepelend overzicht van bestaande meta-analyses bevestigde in 2024 dat de methode effect heeft, en tekende erbij aan dat de kwaliteit van het onderzoek wisselt (Psychotherapy Research, 2024).
Hoe gaat het in zijn werk?
Wat wil je bereiken?
Je begint niet bij de diagnose maar bij het doel. Hoe ziet je leven eruit als dit is opgelost? Hoe concreter, hoe beter.
Zoeken naar uitzonderingen
Er zijn bijna altijd momenten waarop de klacht er minder is. Die momenten worden opgezocht en uitgeplozen: wat deed je toen, wie was erbij, wat was er anders?
Meten met een schaal
Waar sta je nu op een schaal van nul tot tien, en hoe ziet één punt hoger eruit? Dat maakt vooruitgang zichtbaar en houdt de stap klein.
Een kleine volgende stap
Je spreekt iets af dat je deze week kunt doen. Klein en haalbaar, want een stap die lukt geeft meer dan een plan dat blijft liggen.
Kijken wat werkte
De volgende keer begin je met wat er beter ging. Wat werkt, doe je meer van. Wat niet werkt, laat je los.
Voorbeeld
Je slaapt al maanden slecht en zegt dat het nooit goed gaat. De hulpverlener vraagt naar de laatste nacht die wel meeviel. Die was er, twee weken geleden, na een wandeling en zonder telefoon in bed. Dat is geen toeval maar een aanwijzing. De afspraak voor deze week wordt niet "beter slapen", maar één avond dat ene herhalen en kijken wat er gebeurt.
Voor wie is het geschikt?
Bij ernstige of langdurige problematiek wordt oplossingsgerichte therapie meestal naast een andere behandeling ingezet, niet in plaats daarvan. De hulpverlener bespreekt in het intakegesprek wat bij jouw situatie past.
Gerelateerde klachten
Gerelateerde behandelingen
Veelgestelde vragen
Hoeveel sessies duurt oplossingsgerichte therapie?
Moet ik dan niet over mijn verleden praten?
Wat is de wondervraag?
Is het geschikt bij zware klachten?
Zet de eerste stap
Klaar voor een eerste gesprek?
Boek een intake bij een hulpverlener die oplossingsgericht werkt. Samen kijken jullie of deze aanpak bij jouw situatie past.
Bron: Gingerich & Peterson (2013), Research on Social Work Practice · De Shazer & Berg, grondleggers van de methode · Umbrella review (2024), Psychotherapy Research