Vijfentwintig jaar later, en de datum die alleen van jou is
Vandaag is het vijfentwintig jaar geleden dat twee vliegtuigen zich in de torens van het World Trade Center boorden. Misschien weet je nog precies waar je stond toen je het hoorde. En misschien is er in jouw leven een heel andere datum die elk jaar terugkomt zonder dat iemand hem herdenkt.
Je hoort het op de radio terwijl je de auto instapt: vandaag is het vijfentwintig jaar geleden. En voordat je de sleutel hebt omgedraaid, weet je het weer. Welke kamer je binnenliep, welk geluid er aan stond, wie er naast je zat en wat diegene zei. Je hebt er niets voor hoeven doen. Het beeld was er meteen, compleet, alsof het al die tijd had klaargelegen.
Wat er die dag gebeurde, en wat er daarna nog negen maanden gebeurde
Er kwamen die dag 2.977 mensen om, afkomstig uit negentig landen. In New York waren dat er 2.753, bij het Pentagon 184, en in het vliegtuig dat in Pennsylvania neerstortte nog eens veertig. Onder de doden in New York waren 343 brandweerlieden, die naar binnen liepen op het moment dat iedereen naar buiten rende. Dat is voor een brandweerkorps het grootste verlies op één dag dat ooit is opgetekend, en het kwam uit vijfenzeventig verschillende kazernes verspreid over de hele stad.
Wat daarna gebeurde is minder bekend, en het is juist dat deel dat psychologisch het zwaarst weegt. Het zoeken en opruimen op de plek van de torens duurde bijna negen maanden en eindigde pas eind mei van het jaar daarna. Er werd ongeveer 1,8 miljoen ton puin afgevoerd. Duizenden mensen stonden daar dag in dag uit in het stof: brandweerlieden, politiemensen, ambulancepersoneel, bouwvakkers, vrijwilligers. Voor hen was het geen dag die ze meemaakten, maar een periode waarin ze elke ochtend terugkwamen op de ergste plek die ze kenden. Dat verschil verklaart veel van wat er later met hen gebeurde.
Waarom die dag in je geheugen blijft staan
Bijna iedereen die het bewust heeft meegemaakt draagt zo'n beeld mee, ook als je er duizenden kilometers vandaan was. Dat komt niet doordat jouw geheugen beter werkt dan dat van een ander. Het komt doordat een schok iets anders doet met de manier waarop je een moment opslaat. Je legt dan niet alleen vast wat er gebeurde, maar ook de kamer, de geur, het licht en je eigen schrik. Het lijkt alsof er een foto is gemaakt, en zo voelt het ook.
Toch is die herinnering minder betrouwbaar dan hij aanvoelt, en daar zijn behoorlijke aanwijzingen voor. In een onderzoek waarin duizenden mensen tien jaar lang werden gevolgd, bleef de zekerheid over hun eigen herinnering al die tijd even hoog als in de eerste week, terwijl de details ondertussen waren verschoven. De meeste verschuiving trad al in het eerste jaar op. Wat beklijft is dus niet het feitenrelaas, maar de dag zelf: de scherpte van het moment, niet de juistheid ervan. Dat is geen gebrek aan jouw kant. Zo werkt het bij vrijwel iedereen.
Hoe een datum zelf een herinnering wordt
Een dag kan zich daarna gaan gedragen als een herinnering op zichzelf. In de vakliteratuur is al lang beschreven dat mensen rond de sterfdag van iemand die belangrijk voor hen was een korte, heftige golf van verdriet en gemis kunnen krijgen, en dat hetzelfde kan gebeuren rond de datum van een overval, een ongeluk of geweld. Je reageert dan niet alleen op de datum, maar op alles wat eromheen zat: het licht van dat seizoen, de temperatuur, de eerste kastanjes op straat, de kleur van de lucht in september. Je hoeft niet aan de gebeurtenis te denken om er iets van te merken.
Meestal merk je het dan ook aan iets anders dan verdriet. Je slaapt slechter in de week ervoor, zonder dat je de link legt. Je bent korter aangebonden, of juist vlak en ver weg. Je hebt meer hoofdpijn, minder zin in mensen, en een rusteloosheid in je lijf waar je geen woord bij hebt. Pas als je op de kalender kijkt valt het kwartje, en soms zelfs dat niet. Het is geen terugval. Het is een herinnering die op de kalender staat in plaats van in je hoofd.
Dat het lang duurt zegt niets over hoe sterk je bent
De hulpverleners die in New York in het stof stonden zijn daarna twintig jaar gevolgd, bijna dertienduizend mensen, met ruim tachtigduizend metingen. Bij de meesten namen de klachten in de loop van de jaren af, maar bij ongeveer een op de tien waren ze twee decennia later nog steeds verhoogd, terwijl er behandeling voor hen beschikbaar was. En het bleef niet bij psychische klachten: de brandweer van New York meldde ruim twintig jaar na de aanslagen dat er inmiddels evenveel leden waren overleden aan ziektes die met die dagen samenhangen als er op de dag zelf omkwamen, opnieuw 343 mensen.
Dat maakt de vraag die zo vaak gesteld wordt lastig te beantwoorden. Na een jaar of vijf vraagt iemand of het nu nog steeds speelt. Die vraag is meestal niet onaardig bedoeld, maar er zit een maat in waar jij niet in past. Er bestaat geen termijn waarop iets voorbij hoort te zijn, en herstel verloopt bij niemand precies hetzelfde. Dichter bij huis geldt hetzelfde: ruim tachtig procent van de Nederlanders maakt ooit iets mee wat een trauma kan worden, en ongeveer een op de negen krijgt daar op enig moment in het leven een posttraumatische stressstoornis van. Dat is geen uitzondering. Dat is een op de negen mensen in de rij bij de kassa.
Wat je op zo'n dag voor jezelf kunt doen
Het eerste is misschien het minst vanzelfsprekend: je hoeft niet te kijken. De beelden komen vandaag vanzelf voorbij, tussen een vakantiefoto en het weerbericht door, en er zit geen enkele verplichting aan om ze te bekijken. Merk je dat het je te veel wordt, dan mag je doorscrollen. Meekijken is geen vorm van meeleven, en wegkijken is geen onverschilligheid.
Het tweede: geef de dag een vorm in plaats van hem te ondergaan. Een dag die je zelf indeelt voelt anders dan een dag die je overvalt, ook als je precies hetzelfde doet. Dat mag iets kleins zijn: een wandeling op een vast tijdstip, een foto die je tevoorschijn haalt, een uur waarin je bewust niets hoeft. Wat je kiest doet er minder toe dan dat jij degene bent die kiest. En het derde: zeg tegen iemand welke dag het is. Niet om erover te praten als je dat niet wilt, maar zodat je niet de hele dag hoeft uit te leggen waarom je zo kort bent. Een zin is genoeg. Mensen om je heen vullen een stilte anders in dan jij bedoelt, en dat maakt zo'n dag eenzamer dan nodig.
Wanneer het meer is dan een zware dag
Soms blijft het niet bij die ene dag. Als je de gebeurtenis steeds opnieuw voor je ziet terwijl je er juist niet aan wilt denken, als je plekken, gesprekken of data gaat mijden, als je schrikachtig blijft of slecht blijft slapen, en als dat na een maand of wat niet minder wordt, dan gaat het om klachten waar behandeling voor bestaat en waarvan bekend is dat die behandeling werkt. Op de pagina over EMDR staat hoe zo'n behandeling eruitziet en wat je ervan kunt verwachten. En als je nu denkt dat je er eigenlijk allang iets mee had moeten doen: tussen het moment waarop iemand iets ingrijpends meemaakt en het moment waarop diegene er hulp voor zoekt, zit gemiddeld vijf tot zeven jaar. Je bent dus niet laat. Je bent een van de velen die wachtten.
Vandaag staat er een datum in het nieuws die de hele wereld kent, met herdenkingen, namen die worden voorgelezen en twee bundels licht boven de stad. De jouwe staat nergens. Er komt geen herdenking, er staat niets op de radio, en toch weet je lichaam precies welke dag het is. Dat je daar iets van merkt betekent niet dat je vastzit. Het betekent dat het je iets heeft gedaan.
Bronnen
- Cijfers over de dag zelf en over de negen maanden opruimwerk: National September 11 Memorial en Museum, veelgestelde vragen.
- Aantal omgekomen brandweerlieden en de latere sterfte door ziektes die met de opruimperiode samenhangen: Fire Department of the City of New York.
- Herinneringen aan een schokkende gebeurtenis: Hirst e.a., A Ten-Year Follow-Up of a Study of Memory for the Attack of September 11, 2001, Journal of Experimental Psychology: General.
- Twintig jaar klachten bij hulpverleners: cohortonderzoek onder 12.822 hulpverleners van het World Trade Center, Nature Mental Health.
- Reacties rond een jaardag: Van der Hart e.a., Reactivering traumatische herinneringen, Directieve Therapie.
- Nederlandse cijfers over trauma en PTSS: Hoeboer e.a., Epidemiologie van trauma, PTSS en complexe PTSS in Nederland, Tijdschrift voor Psychiatrie, onderzoek onder 1.690 volwassenen, en de Trimbos Richtlijn PTSS.
Hulp nodig?
Boek een intake zonder wachttijd
Binnen 24 uur een gesprek met een gekwalificeerde psycholoog, zonder verwijsbrief, zonder wachttijd.
Zoek een hulpverlener